De Gateau Roulé, een gerolde taart

Het is hier ondertussen elke dag tegen de 40 graden, de mussen vallen dood van het dak, de poezen liggen voor pampus in de tuin en mijn persoonlijke energie-level staat op 0.0, dus ik dacht : ‘Laat ik het vandaag is over de heerlijke winterse Kerstdagen hebben !’ Nee, ik heb geen zonnesteek, maar als ik wil uitleggen waar de ‘Gateau Roulé’, het recept van vandaag, vandaan komt, kan ik echt niet om de Kerstdagen heen..

Mocht je een beetje Frans spreken, dan weet je dat de naam ‘Gateau Roulé’ letterlijk vertaald een ‘opgerolde taart’ betekent en wanneer je naar de uiteindelijke vorm van de gateau roulé kijkt, zie je dat deze erg veel op een houtblok of een stam lijkt die je gebruikt om de open haard aan te steken. Dit noemen we in Frankrijk ook wel een ‘Bûche’ en zo komen we dus bij de Kerstdagen en de gateau roulé uit, de Bûche de Noël is namenlijk de traditionele afsluiter van het Kerstdiner.

Waar dit precies vandaan komt ? Hier gaan we : in de Middeleeuwen werd elk jaar de ‘Solstice’ oftewel de Zonnewende gevierd door het aansteken van een groot vuur met een boomstam in de open haard. De Solstice staat in de winter voor de kortste, dus donkerste dag van het jaar die het begin van een koude periode aangeeft en met dit vuur werd het licht ontstoken. De hele familie, de huishoudsters en al het andere aanwezige personeel kwamen dan samen rond dit grote vuur en brachten de avond samen door.

Voor deze traditie kon niet maar zo elke boom gebruikt worden. Vaak werd het hout gebruikt van een fruitboom, in de hoop dat de familie het jaar erna een hele goede oogst zou krijgen. De boom werd bij het opkomen van de zon omgezaagd, met hulp van de allerkleinste kinderen tot de volwassenen in de familie en, voordat de stam in brand werd gestoken, werd deze versierd met bladeren.

De kerk heeft dit ritueel overgenomen maar om een christelijk karakter aan het ritueel te geven, werden de stammen door de religieuzen eerst overgoten met heilig water. Het vuur werd aangestoken door de jonge meisjes van de parochie en hierbij werden ook de resten van de stam van het jaar ervoor weer gebruikt. In de kerk moest het vuur hierna regelmatig aangevuld worden, zodat het in ieder geval tot 5 januari, de vooravond van de Driekoningen, bleef branden.


Vanaf de 19e eeuw, toen de open haarden in de huizen kleiner werden, werd ook het ritueel van het branden van de stam aangepast door een kleinere stam te gebruiken. En uiteindelijk, met het verdwijnen van de open haarden in de woonkamers, werd de stam met Kerst op tafel gelegd en werd deze versierd met bladeren en mos. Rond 1945 werd uiteindelijk in plaats van een houten stam een gerolde taart ‘gateau roulé’ op het midden van de tafel gezet, opgemaakt als boomstam, en is dus de traditie geboren van de Bûche de Noël als dessert.



Waar deze taart in eerste instantie alleen met Kerst gemaakt werd, is het ondertussen een zeer populair thuisbaksel geworden daar je, zodra je de techniek doorhebt, er werkelijk alle kanten mee op kunt. Op de foto’s zie je verschillende van mijn Opgerolde Taarten van de afgelopen jaren waarvan sommigen ‘geprint’ zijn zoals we dat hier noemen. Ik ga je in eerste instantie de simpele versie leren, want die wordt hier het meest gemaakt. Omdat deze versie heel makkelijk is, kun je deze ook met je kinderen of kleinkinderen maken, wel zo gezellig !


De geprinte versie is iets ingewikkelder, daar je eerst een ‘sigaretten’-deeg gaat maken. Met dit deeg ga je op de bakplaat je tekening of je letters pocheren. Hierna gaat de bakplaat een tijdje in de ijskast om de ‘print’ flink te koelen. Wanneer de print goed gekoeld is, kun je het standaard deeg eroverheen gieten en hierna gaat de bakplaat de oven in. Let op : als je iets wilt schrijven of een bepaalde tekening in je hoofd hebt, moet je dit in spiegelschrift schrijven of tekenen. Dit is de enige manier om de print goed op de gerolde taart te krijgen.

Als crème binnenin de gerolde taart kun je je fantasie de vrije loop laten. De meeste klassieke thuisversies zijn die met aardbeien of abrikozenjam of hazelnootpasta, gewoon uit een in de supermarkt gekochte pot. Voor een uitgebreidere versie vul je de taart met een echte Ganache au Chocolat, een Crème Pâtissière of een Praliné. Ik heb laatst zelf een Gateau Roulé gemaakt met een Bokkepootjes-creme, was ook superlekker !


De bovenkant van de opgerolde taart kun je ook heel makkelijk versieren door er slagroom op te pocheren en hierboven op fruit te leggen, of door het helemaal in te smeren met chocola en hier versiersels op te leggen.

Alles mag, alles kan !

Wat heb je nodig voor een Gateau Roulé :
- 4 eieren
- 100 gram bloem
- 100 gram suiker
- 35 gram boter


Scheid het eiwit van de eidooiers


Doe de eidooiers in een kom, voeg hier de suiker aan toe en ‘blancheer’ deze, oftewel roer dit net zolang door met een garde (of een keukenmachine !) tot het mengsel wit wordt.


Roer beetje bij beetje de bloem door dit mengsel en de gesmolten boter


Laat de eiwitten opschuimen en meng deze heel voorzichtig, van onder naar boven scheppend, door het beslag zodat het een luchtig beslag blijft.


Giet het beslag op een bakplaat of een rechthoekige vorm ( zie foto’s) bekleed met bakpapier en doe dit ongeveer 10 minuten in een oven van 210°C

Nu even opletten : wanneer de cake uit de oven komt, moet je deze meteen omdraaien op een natte theedoek, dus met het bakpapier naar boven. Haal het bakpapier van de cake af en rol deze in de natte theedoek zodat de cake de vorm krijgt van een opgerolde handdoek. Je laat de cake nu op deze manier afkoelen.


Wanneer de cake éénmaal afgekoeld is, kun je hem terugrollen en insmeren met jam, chocoladepasta of wat je ook maar lekker vindt. Hierna weer langzaam oprollen en dan kun je de bovenkant versieren.


En smullen maar !


De geprinte versie daar kom ik in een ander recept op terug, het beste is om eerst deze een keer te proberen.